Spierpezen e.a structuren: Klacht Arm Nek Schouder, a-specifiek

Onderstaande uitwerking is een aanvulling op de fysiotherapeutische behandeling: de fysiotherapeut (online of in de praktijk) geeft aan welke informatie, adviezen en oefeningen voor u van belang zijn. Maak zo nodig online een afspraak om uw situatie te bespreken
IMG 20200303 153600
  • Zie boven afbeelding: mogelijke pijnlocaties bij KANS

In het kort

  • Andere benaming: KANS of RSI
  • Mogelijke locaties klachten: nek, schouders, bovenrug, armen en/of handen
  • U kan last hebben van pijn, stijfheid, tintelingen en/of dove gevoelens 
  • Klachten komen veel voor bij eenzijdig werk: administratief werkers (pc-werk), chauffeurs, kappers, stukadoors, werk in de vleesverwerkende industrie, musici
  • Factoren die vaak meespelen zijn stress, hoge werkdruk, specifieke persoonlijke kenmerken als perfectionisme en plichtsgetrouw
  • Het is belangrijk het eenzijdige werk te varieeren met 'grote bewegingen': Oefeningen, wandelen, sporten
  • Zie de video van de 'RSI vereniging'.
  • De fysiotherapeut kan door uitleg, adviezen en oefeningen ondersteuning  geven aan het herstel

  • Andere benaming: Klachten Arm Nek Schouder of a-specifieke KANS of Repeated Strain Injury of RSI of muisarm
  • KANS is de nieuwe benaming voor RSI klachten. Er is gekozen voor een andere naamgeving omdat de term KANS de klachten beter omschrijft. 
  • KANS kan onderverdeeld worden in a-specifieke KANS en specifieke KANS. Een combinatie van specifieke en aspecifieke KANS is mogelijk 
    • Specifieke KANS. Onder specifieke KANS klachten vallen alle aandoeningen ( er zijn er 23) waarbij een duidelijke medische diagnose gesteld kan worden die de klachten veroorzaakt. Zie op deze website  o.a de klachtenbeelden:Carpaal Tunnel Syndroom, de ziekte van Quervain, tenniselleboog, peesklacht schouder, nekklacht... ...
    • A-specifieke KANS (wordt hier besproken)
      • Aan werk of activiteiten gerelateerde pijn, stijfheid, tintelingen en/of dove gevoelens ter hoogte van nek, schouders, bovenrug, armen en/of handen. Deze klachten zijn niet herleidbaar zijn tot één structuur of medische diagnose.
      • A-specifieke KANS begint meestal aan de meest gebruikte kant van het lichaam: links als u linkshandig bent, rechts als u rechtshandig bent.
    • Er is sprake van KANS als klachten langer dan 2 weken aanwezig zijn
  • Zie afbeeldingen op google: KANS. Neem met de fysiotherapeut door welke afbeeldingen voor u relevant zijn.
  • Beroepen met veel a-specifieke KANS-klachten zijn: chauffeur, kapper, stukadoor, werk in de vleesverwerkende industrie, musicus, administratief werker, pc-werker etc.
  • Meestal vermindering klachten bij rust
  • Aspecten die negatief werken op herstel zijn: Een lange klachtenduur, ernstige/ hevige symptomen, veel functionele beperkingen, het gebruik van een negatief werkende copingstijl (= omgaan met klacht), een door de patiënt ervaren ongeluk als oorzaak van de klachten

Neem met de fysiotherapeut door welke informatie voor u zinvol is

  • Klachten door
    • Persoonsgebonden factoren
      • Psychische factoren: plichtsgetrouw, perfectionistisch, subassertiviteit, slecht kunnen delegeren, hoge werkmotivatie, volgzaam, onzekerheid 
      • Fysieke factoren: b.v verminderde conditie, overgewicht
      • Sociale factoren: b.v slechte balans tussen privé en werk
    • Werkgerelateerde factoren: bedrijfscultuur, werkstress, eentonig werk, weinig sociale ondersteuning collega’s of leidinggevende, weinig autonomie, eenzijdig werk met veel repeterende bewegingen, werken met trillende gereedschappen, geen aandacht voor bureauaanpassingen (stoel, bureauhoogte, muis, toetsenbord)
  • Uit onderzoek blijkt dat de persoonsgebonden factoren (psychisch, fysiek, sociaal) de belangrijkste oorzaak vormen voor het ontstaan van KANS

Neem de oorzaak van uw klachten met de fysiotherapeut door

  • Pijn in de nek en/ of schouder en/ of arm 
  • Tintelingen in arm
  • Doof gevoel in arm
  • Kouder aanvoelen arm
  • Krachtverlies arm
  • Zwelling arm

Neem de verschijnselen die bij u aanwezig zijn met de fysiotherapeut door

  • Fysiotherapeut 
    • De eigen fysiotherapeut geeft aan welke informatie, adviezen en oefeningen zinvol zijn, zie verder. Meestal zijn 4 - 6 behandelingen voldoende. Fysiotherapie is van belang om de voorwaarden van het natuurlijke herstel te optimaliseren.

      • Eerste behandeling: uitleg klachtenbeeld, informatie over behandelplan en eerste adviezen %2B oefeningen

      • Tweede behandeling: Oefeningen en adviezen doornemen (e.v.t een opname hiervan maken die thuis bekeken kan worden)

      • Derde behandeling: Oefeningen doornemen en kijken of ze goed uitgevoerd worden

      • Vierde behandeling: Enige tijd na behandeling 3: evalueren stand van zaken.Zo nodig nog 2 (of meer) behandelingen plannen. E.e.a is afhankelijk van uitgebreidheid van de klacht, het herstel, het oppakken van adviezen %2B oefeningen, van de eventueel aanwezige 'bewegingsangst' en of er een oplossing gevonden wordt voor de eventueel aanwezige psychische %2B sociale %2B werkgerelateerde factoren

    • Online begeleiding door fysiotherapeut. Zie aanvullende informatie 2.9
  • Huisarts
    • Medicatie: pijndemping (paracetamol)
    • Doorverwijzen: fysiotherapeut / mentale begeleider/ pijnteam of revalidatiearts als er sprake is van chronische klachten
  • Specialist, revalidatiearts
  • Mentale begeleiders: psycholoog, maatschappelijk werk, online begeleiding (mentaal vitaal). Zie ook 'stress gerelateerde klachten' op deze site
  • Pijnteam: Bij chronische klachten (langer dan drie maanden) geeft een begeleiding waar meerdere behandelaars bij betrokken zijn (bijvoorbeeld een fysiotherapeut en een psycholoog) en die niet (alleen) op pijndemping gericht is, het beste resultaat.
  • Dieetist bij overgewicht
  • Arboarts, als de werkzaamheden (werkstress, verstoorde relatie met manager, etc.) van invloed zijn op de klachten, of andersom. 

Neem met de fysiotherapeut door welke hulpverleners een aanvulling kunnen zijn op de behandeling

  • Zie ook op deze site adviezen bij klacht die speelt (bijvoorbeeld nekklacht of tenniselleboog) tgv a-specifieke KANS. Zie aanvullende informatie 1.8
  • Kies een postieve 'copingstijl'. Zie website 'psychologie magazine: Omgaan met problemen, zo kies je de beste copingstijl. Neem dit zo nodig door met je fysiotherapeut (of huisarts, huisarts ondersteuner, maatschappelijk werker, psycholoog...)
  • Afvallen bij overgewicht
  • Bewegen en sporten. Zie ook het onderwerp 'bewegen en trainen' op deze site
    • Verbeteren van de algemene conditie is van belang voor hestel weefsel bij a-specifieke KANS klachten. 
    • Neem met de fysiotherapeut door welke activiteit / sport u het beste kan doen
    • Sporten of bewegen na het werk als compensatie voor eenzijdig werk 
    • Doe tussendoor activiteiten die mogelijk zijn: korte wandeling, koffie halen, traplopen.......Zie ook blijf fit door het doen van dagelijkse activiteiten 
    • Wandelen, fietsen en zwemmen zijn goede activiteiten bij a-specifieke KANS klachten.
      • Zie ook video's op website 'physiotec', aquatherapie
      • Wandeling maken tijdens de middagpauze
      • Ga naar het werk met de fiets
    • Als u een sport niet meer kunt uitoefenen, zoek dan naar alternatieven

      • Fitnessprogramma voor thuis of in fitnessclub: loopband / hometrainer/ duo trainer/ roeiapparaat.

      • Gebruik maken van DvD met 'virtuele wandelingen en fietstochten' (zie Bol.com)

    • Activiteiten bijhouden ('fitmeter of een 'stappenteller) en eventueel bespreken met de fysiotherapeut of huisartsondersteuner

  • Ontspanning nek en arm door

    • Massage (zelf of door partner of door masseur....), zie 'oefeningen divers' en kijk bij 'massage nek en arm. Neem met de fysiotherapeut door welke massage voor u zinvol is en hoe u het ook zelf kan doen.

    • Warmtepakking op spieren nek of schouder of arm

    • Losmaakoefeningen, vaak en kort doen (bijvoorbeeld bewegingen met de handen maken: kaarten schudden, met vingers trommelen, draaien met chinese balletjes etc.). Zie ook verder bij oefeningen.

    • Ontspanningsoefeningen, zie 'oefeningen divers' en kijk bij 'ontspanning'. Neem met de fysiotherapeut door welke ontspanningsoefeningen of cursussen (yoga / pilatus / mindfulness....) voor u geschikt zijn. 

  • Werkplekadviezen
    • Neem werkplek door met de arbo medewerker of met de fysiotherapeut 
    • Bespreek met leidinggevende eventuele problemen op het werk (werkdruk en werkstress), eigen werkhouding, overbelasting situaties op het werk (zie boven bij 'hoe ontstaat a-specifieke KANS' en zie boven bij 'mogelijke behandelaars': mentale begeleiders)
    • Neem regelmatig een pauze. Uit onderzoek is gekomen dat een programma op de computer wat verplicht om pauzes te nemen stressverhogend kunnen zijn en dus een averechts effect kunnen hebben      
    • Werk, thuis of op locatie. Zie ook 'voorkomen overbelasting' op deze site en kijk bij 'werk bureau'
    • Zie website RSI voor inrichten ergonomische werkplek: Toetsenborden, muizen, sneltoetsen........

Neem met de fysiotherapeut door welke adviezen voor u zinvol zijn

SAM 3838

  • Oefeningen die van belang zijn bij deze klacht
    • Houdingsgevoel en stabilisatieoefeningen om een optimale stand van de nek en arm te handhaven
    • Losmaakoefeningen bij pijn, stijfheid, tintelingen
    • Rekoefeningen: rekken verkorte spieren en rekken bindweefselplaten
    • Functionele oefeningen: Doe tussendoor activiteiten die mogelijk zijn: korte wandeling, koffie halen, traplopen, stofzuigen, afwassen.........

SAM 3818

De fysiotherapeut geeft aan welke adviezen en oefening voor u zinvol zijn

  1. Websites
    1. Gezondheid.be: RSI  
    2. App: RSI doctor     
    3. Alles over sporten: Zittend werk
    4. Schouder centrum Nijmegen: A-specifieke KANS
    5. Medicinfo: KANS / coping
    6. Zie video op de website van 'gezondheidsplein' 
    7. Op houding letten tijdens het bureauwerk en tijdens mobiel telefoneren. Zie video's 'RSI vereniging'
    8. Zie website 'HChealth': werkplekadvies PC //  werkplekadvies Tablet  //  werkplekadvies Laptop // korte workout bij zittend werk // binnen 90 seconden soepele nek en schouders // beste stretch voor schouders en rug // pols en onderarmklachten voorkomen
    9. Zie ook op deze site: Voorkomen overbelasting, kijken bij bureauwerk //  nekklachten // middenrug klacht // tenniselleboog // golf elleboog // quervain //CTS // roeiers pols // oefeningen divers, kijk bij ontspanning en massage // spanningsgerelateerde klachten // klachten, onverklaarbaar (SOLK) // chronische pijn
  2. Onderbouwing voor patiënt en fysiotherapeut
    1. Google scholarrepeated strain injury / CANS
    2. Huisarts en wetenschap en NTVG
      1. Cansloos (2009).Conclusie: Positief is het streven te komen tot consensus over de terminologie van klachten van arm, nek en schouder tussen verschillende beroepsgroepen. In de huisartsenpraktijk volstaat echter in het algemeen de gebruikelijke classificatie volgens de ICPC-codering in aspecifieke symptoomdiagnoses (nek-, schouder-, arm-, pols-, hand/vingerklachten) en in meer specifieke diagnoses zoals epicondylitis of carpaal tunnel syndroom. Het begrip CANS heeft bij de diagnostiek of behandeling in de huisartsenpraktijk dan ook geen toegevoegde waarde
      2. Fysiotherapie bij arm-, nek- en schouderklachten (2010). Het blijkt dat de ernst van de klacht en catastroferen interactie laten zien met de behandeling. Hoe hoger de score, hoe beter de manuele therapie aanslaat. Het proefschrift is door de gekozen vorm prettig om te lezen. De uitkomsten zijn niet echt verassend te noemen, maar voor mensen met belangstelling voor het bewegingsapparaat zeker interessant
      3. RSI: vóórkomen, ontstaan, therapie en preventie (2002).

        1. RSI, een afkorting voor ‘repetitive strain injuries’, is geen diagnose, maar een containerbegrip voor specifieke en voornamelijk aspecifieke klachten gelokaliseerd in de nek, bovenrug, schouder, arm, elleboog, pols, hand of vingers. Hieronder vallen klachten over pijn, stijfheid, tintelingen, onhandigheid, coördinatieverlies, krachtverlies, huidverkleuringen en temperatuurverschillen.

        2. Van de werkende Nederlanders verzuimt in een jaar 8 % door RSI-klachten. Hoewel de WAO-toetrede beperkt is, is deze de laatste 3 jaar telkens gestegen.

        3.  Er bestaat consensus over het feit dat repeterende arbeid met een hoge frequentie en eventueel krachtuitoefening gepaard gaat met RSI-klachten. Er zijn aanwijzingen voor een relatie tussen beeldschermwerk en deze klachten. Deze relaties zijn echter niet in longitudinaal onderzoek van afdoende kwaliteit vastgesteld.

        4. Vermoedelijk zijn veel ervaren stress en een hoge werkdruk gerelateerd aan RSI; vrouwen rapporteren meer klachten dan mannen. Over de rol van verschillende copingstijlen, perfectionisme en omgaan met klachten zijn onvoldoende onderzoeksgegevens beschikbaar.

        5.  Over ontstaansmechanismen, diagnostiek, therapie en preventie zijn onvoldoende gegevens.

        6. Bij gebrek aan duidelijke diagnostische criteria zijn voorstellen gedaan voor het gestandaardiseerd vaststellen van het klachtensyndroom.

        7. Voor de behandeling wordt het meeste effect verwacht van een multidisciplinaire benadering.

        8. Wat betreft preventie wordt verondersteld dat een geïntegreerde aanpak die zich richt op het verbeteren van de fysieke werkhouding, het doorbreken van de statische belasting en op werkdrukfactoren en persoonsgebonden factoren het effectiefst is.

      4. Is ziekteverzuim bij arm-, nek-, en/of schouderklachten te voorspellen?* (2017)
      5. 1 t/m 10 van 58 zoekresultaten voor 'rsi'
    3. Anatomie
      1. Anatomy Lyon:  compartimenten van de arm
    4. Werkplek
      1. FNV, veilig werken: Zeven RSI testen
      2. Ergonomie werkplek
      3. Beroepsziekten
        1.  RSI
        2. Hand-armvibratiesyndroom (HAVS)
    5. Diagnose stellen / volgen herstel
      1. KNGF, klinimetrie KANS
        1. DASH
        2. PSK
        3. IPQ-K
      2. Fysiostart: Diagnostische testen, kijk bij schouder en elleboog en pols/hand
      3. Ziekteperceptie
    6. Richtlijnen
      1. Richtlijn KANS van het KNGF // verantwoording en toelichting (2017) 
        1. Er zijn aanwijzingen (niveau 4) dat hogere leeftijd, vrouwelijk geslacht, eerdere symptomen, verhoogde spierspanning, intensief en langdurig gebruik van toetsenbord en muis, een te geringe afstand (< 12 cm) tussen het toetsenbord en de bureaurand,
          een te kleine hoek (< 121°) van de binnenzijde van de elleboog bij gebruik van het toetsenbord, een te grote ulnaire
          abductie van de pols (< -5°), het geen gebruik maken van een arm-pols‘support’ en een lage arbeidstevredenheid geassocieerd zijn met het ontstaan van (pijn)klachten aan de arm, nek en/of schouder.

        2. Er zijn aanwijzingen (niveau 4) dat ernst en duur van de symptomen, gebrek aan controlemogelijkheden over het werk, stress,
          blootstelling aan mechanische risicofactoren, zoals duur, kracht en herhaling van activiteiten met de arm, en catastroferen geassocieerd zijn met meer symptomen en ervaren beperkingen na follow-up.

        3. Het is aangetoond (niveau 4)dat stress en een depressieve stemming zijn gerelateerd aan de overgang van acute naar chronische pijn en beperkingen.

        4. Het is aangetoond (niveau 4) dat beliefs, copingstrategieën, catastroferen en minder tevreden zijn met de werksituatie zijn
          gerelateerd aan de overgang van acute naar chronische pijn en beperkingen.

        5. Het is aangetoond (niveau 4) dat psychosociale factoren meer invloed hebben op beperkingen die samenhangen met pijn dan
          biomedische factoren.

        6. De werkgroep is van mening (niveau 4) dat bij het in kaart brengen van de gezondheidstoestand van de patiënt het volgende
          aandacht behoeft: de aard van het gezondheidsprobleem: systematisch bevragen van de verschillende functies, activiteiten en participatie en de stoornissen en beperkingen daarin; de arbeidsomstandigheden: de invloed van het werk (werkplek, -tijden, -wijze en -taken) op het ontstaan en het beloop van de pijn en de invloed op de huidige pijn; de wijze van omgaan met het gezondheidsprobleem: de opvattingen (‘beliefs’) van de patiënt ten aanzien van het gezondheidsprobleem, het al dan niet reëel zijn daarvan, en of er in het algemeen sprake is van negatieve emoties (zoals stress en depressieve stemming).

        7. De werkgroep adviseert om in de anamnese gebruik te maken van het meetinstrument Patiënt Specifieke Klachten (PSK) voor het vaststellen van de functionele status van de patiënt. Met de PSK kan de voortgang van de behandeling zowel tussentijds
          als aan het eind van de behandelepisode worden geëvalueerd.

        8. Er zijn aanwijzingen (niveau 3) dat gedragsgeoriënteerde therapie effectiever is dan geen behandeling of op de wachtlijst staan

        9. Er zijn aanwijzingen (niveau 3) dat individuele therapie effectiever is dan groepstherapie

        10. Het is aannemelijk (niveau 2) dat manuele therapie als toevoeging aan oefentherapie effectiever is dan alleen oefentherapie.

        11. Het is aannemelijk dat oefentherapie effectiever is dan massagetherapie (niveau 2). Er zijn aanwijzingen dat oefentherapie
          effectiever is dan geen behandeling (niveau 3), en dat verschillende vormen van oefentherapie niet verschillen in effectiviteit (niveau 3).

        12. Nekklacht
          1. Het is aannemelijk dat kracht- en lenigheidsoefeningen effectief zijn bij nekpijn in combinatie met hoofdpijn, en bij acute nekpijn.

          2. Het is aangetoond dat een zogenaamde multimodale benadering effectief is wanneer oefentherapie gecombineerd wordt met mobilisaties en/of manipulaties

          3. Er zijn aanwijzingen dat krachtoefeningen effectief zijn bij chronische nekpijn.

          4. Er zijn aanwijzingen dat intensieve gedragsgeoriënteerde revalidatie effectief is bij chronische nekpijn.

          5. Het is aannemelijk dat thoracale manipulaties op de korte termijn effectief zijn in vergelijking met placebomanipulaties en op de lange termijn met instructies voor oefeningen.

          6. Het is aannemelijk dat ontspanningsoefeningen effectief zijn bij chronische nekpijn.

        13. Schouderklachten
          1. Het is aannemelijk dat oefentherapie effectief is bij aandoeningen aan de rotator cuff.

          2. Er zijn aanwijzingen dat oefentherapie effectief is bij chronische schouderpijn.

          3. Het is aannemelijk dat lasertherapie effectief is bij capsulitis adhesiva.

          4. Het is aannemelijk dat ultrageluid en UKG effectief zijn bij een gecalcificeerde tendinitis.

          5. Het is aangetoond dat conventionele fysiotherapie bij schouderklachten niet effectiever is dan injecties met corticosteroïden. 

        14. Tenniselleboog
          1. Er zijn aanwijzingen dat fysiotherapie niet effectief is bij epicondylitis lateralis.

        15. Carpaal tunnel syndroom
          1. Er zijn aanwijzingen (niveau 3) dat ergonomische programma’s effectiever zijn dan geen behandeling (niveau 3). Het is
            aannemelijk dat werkpauzes effectief zijn en dat bij het carpaletunnelsyndroom aangepaste toetsenborden effectief zijn in vergelijking met placebobehandeling (niveau 2).

          2. Er zijn aanwijzingen dat bij het carpaletunnelsyndroom aangepaste toetsenborden effectiever zijn dan normale toetsenborden (niveau 3).

          3. Er zijn aanwijzingen dat lasertherapie in combinatie met TENS effectief is bij carpaletunnelsyndroom

          4. Er zijn aanwijzingen dat ultrageluid effectief bij carpaletunnelsyndroom, zowel op de lange als op de korte termijn.

        16. De werkgroep is van mening dat het belangrijk is om in de therapie de volgende accenten te leggen in relatie tot blootstelling aan mechanische belasting: advisering over ergonomische maatregelen voor een tijdelijke dan wel permanente verlaging de blootstelling aan mechanische belasting; zo nodig aanpassing op het werk in overleg met Arbodienst en bedrijfsarts.

        17. De werkgroep is van mening dat het belangrijk is om in de therapie de volgende accenten te leggen in relatie tot de regulatie van de spierspanning:oefenen van fijn-coördinatieve bewegingen verbetering vandespierspanningregulatie en de effectieve doorbloeding van spierweefsel; rek- en ontspanningsoefeningen van de desbetreffende spieren

        18. De werkgroep is van mening dat een versterking van de nocisensorische prikkeling en daarmee sensitisatie van het zenuwstelsel moet worden vermeden, door een bewuste controle op pijn, zowel tijdens het oefenen, als tijdens het uitvoeren van handelingen en taken

        19. De werkgroep is van mening dat het belangrijk is om in de therapie de volgende accenten te leggen in relatie tot de optredende stressoren: voorlichting over factoren die stress veroorzaken en de mogelijke rol van stress bij ontstaan en instandhouding van symptomen; ontspanningsoefeningen.

      2. Multidisciplinaire richtlijn aspecifieke Klachten Arm, Nek en/of Schouders
        1. Oefentherapie onder leiding van een fysiotherapeut of oefentherapeut Cesar /Mensendieck wordt aanbevolen bij aspecifieke arm, nek en/of schouderklachten die langer dan 6 weken bestaan. Welke vorm van oefentherapie de voorkeur geniet is op dit moment nog onduidelijk.

        2. De werkgroep is van mening dat zorgverleners terughoudend moeten zijn met het voorschrijven of geven van manuele therapie. Bij klachten van de schoudergordel kan manuele therapie worden overwogen.

      3. Achtergronddocument bij de Richtlijn 'Handelen van de bedrijfsarts bij werknemers met klachten aan arm, nek of schouder (KANS) (gedeeltelijk herziene versie, 2014)

    7. Hutting N, Detaille SI, Engels JA, Heerkens YF, Staal JB, Nijhuis-van der Sanden MWG. The development of a self-management program for employees suffering from complaints of the arm, neck and/or shoulder: an intervention mapping approach. Journal of Multidisciplinary Healthcare 

      • Conclusion: This study resulted in a theory- and practice-based self-management program, based on behavioral change theories, guideline-related evidence, and practice-based knowledge that fits the needs of employees with CANS.
    8. Hutting N, Heerkens YF, Engels JA, Staal JB, Nijhuis-van der Sanden MWG. Experiences of employees with arm, neck or shoulder complaints: a Focus Group Study. BMC Musculoskelet Disord 2014, 15:141. (PDF)

      • Conclusions: Employees suffering from CANS search for ways to deal with their complaints in daily life and at work. This study reveals several recurring problems and the results endorse the multi-factorial origin of CANS. Participants generally experience problems similar to those of employees with other types of complaints or chronic diseases, e.g. related to their illness, insufficient communication, working together with healthcare professionals, colleagues and management, and workplace adaptations. These topics will be addressed in the adaptation of an existing self-management program to the characteristics of employees suffering from CANS.
    9. Hutting N, Engels JA, Staal JB, Heerkens YF, Nijhuis-van der Sanden MWG. Development of a self-management intervention for employees with complaints of the arm, neck and/or shoulder (CANS): a focus group study with experts. J Occup Med Toxicol 2015, 10:9. (PDF)

      • Conclusions: Experts appeared to see a role for a self-management program for employees with CANS. They indicated that the combination of group sessions and eHealth can work well. Experts provided valuable information with regard to the content of the self-management intervention and the design of the eHealth module.
    10. CME onlineAspecifieke KANS: ontstaan en behandeling door de fysiotherapeut, dr. N. Hutting
      • Leren omgaan met klachten, zoeken naar mogelijkheden verminderen klachten, voorkomen van verergering/recidief
      • Inzicht in oorzaken van KANS en voorkomen van KANS
      • Aangeven van grenzen op het werk en leren omgaan met stress
      • Communicatie op het werk ten aanzien van ervaren beperkingen en beschikbare hulpmiddelen
      • Informatie over oorzaken en mogelijkheden om klachten te verminderen kunnen werknemers helpen om beter met hun klachten om te gaan
      • eHealth in combinatie met een zelfmanagementprogramma kan wellicht een nuttige interventie zijn
    11. Verhagen AP, Bierma-Zeinstra SM, Burdorf A, Stynes SM, de Vet HC, Koes BW. Conservative interventions for treating work-related complaints of the arm, neck or shoulder in adults. Cochrane Database Syst Rev 2013, 12:CD008742.
      • Er is gekeken naar conservatieve interventies voor werk-gerelateerde klachten van de arm, nek en/of schouder. De conclusie van dit onderzoek was dat oefeningen de pijn niet verbeterden wanneer dit vergeleken werd met geen behandeling. Ook als de oefentherapie werd toegepast als additionele behandeling bovenop een andere behandeling was er geen resultaat van de oefentherapie zichtbaar. Specifieke oefeningen leidden tot een verhoogd pijnniveau op de korte-termijn wanneer dit vergeleken werd met meer algemene oefeningen. Ergonomische interventies leidden op de korte termijn ook niet tot een vermindering in pijn wanneer dit vergeleken werd met het niet geven van een interventie. Er zijn ook een aantal gedragsmatige interventies bekeken door Verhagen. Hier waren inconsistente effecten zichtbaar.

Neem met de fysiotherapeut door welke informatie voor u zinvol is